1 gemiddelde snelheid

 de gemiddelde snelheid berekenen van een bewegend voorwerp 

2 Bewegingen vastleggen

 (s, t)- en (v, t)-diagrammen van bewegingen maken en in samenhang interpreteren: – bewegingen met constante snelheid – eenparig versnelde bewegingen – eenparig vertraagde bewegingen – andere bewegingen 

3 Krachten samenstellen

6 de krachten herkennen en samenstellen die een rol spelen bij een beweging langs een rechte weg: – aandrijfkracht en remkracht – tegenwerkende krachten: – luchtwrijving – rolwrijving – nettokracht 

4 Traagheid

 verschijnselen van traagheid verklaren, die zich bij snelheidsverandering voordoen 

5 Veiligheid 1

 de werking van constructies uitleggen die de nadelige effecten van een botsing verminderen, ten minste: – veiligheidsgordel – veiligheidshelm – kreukelzone – hoofdsteun – kooiconstructie – airbag 

6 Veiligheid 2

omstandigheden herkennen die invloed hebben op de veiligheid tijdens het rijden, ten minste: – reactietijd – rijsnelheid – staat van de banden en van het wegdek – weersomstandigheden